Verlofmogelijkheden bij overlijden
In Nederland voorziet de Wet arbeid en zorg (WAZO) in verschillende soorten verlof bij overlijden, zodat je de tijd en ruimte hebt om alles te regelen.
Calamiteitenverlof
Direct na het overlijden kun je calamiteitenverlof, ook wel kort verzuimverlof, opnemen. Dit verlof is bedoeld om de eerste zaken te regelen, zoals het melden van het overlijden en het organiseren van de uitvaart. Dit verlof duurt meestal een paar dagen en de werkgever is verplicht om je loon door te betalen. Neem contact op met je werkgever om het verlof aan te vragen en verdere afspraken te maken.
Bijzonder verlof
Naast calamiteitenverlof kun je ook aanspraak maken op bijzonder verlof. Dit verlof is niet wettelijk geregeld, maar wordt vaak opgenomen in collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) of personeelsregelingen van bedrijven. Bijzonder verlof kan bijvoorbeeld worden verleend voor een langere periode om te rouwen of om verdere zaken te regelen. De voorwaarden en duur van dit verlof verschillen per werkgever en cao. Raadpleeg de cao van jouw sector en bespreek dit met je werkgever.
Jij hebt recht op je eigen tempo van helen
Onbetaald verlof
Heb je meer tijd nodig hebt dan het calamiteiten- en bijzonder verlof toestaan, dan kun je onbetaald verlof aanvragen. Dit verlof moet in overleg met je werkgever worden geregeld en er bestaat geen wettelijke verplichting voor de werkgever om dit te verlenen. Onbetaald verlof biedt de mogelijkheid langer weg te blijven van het werk zonder salaris te ontvangen.
Emotionele steun
Naast bovenstaande verlofmogelijkheden bieden sommige werkgevers toegang tot bedrijfsmaatschappelijk werk of een vertrouwenspersoon. Dit kan een belangrijke bron van steun zijn tijdens het rouwproces.
Rouwverlof, op hoeveel dagen heb ik recht?
10 dagen
Voor werknemers die een kind, echtgenoot of samenwonende partner verliezen, is het rouwverlof 10 dagen. Deze regeling geldt ook voor pleegouders. Van deze 10 dagen rouwverlof is het verplicht om 3 dagen op te nemen tussen het moment van overlijden en de uitvaart. De overige 7 dagen zijn vrij opneembaar binnen een periode van 1 jaar na het overlijden. In overleg met de werkgever kan er van deze regeling worden afgeweken.
3 dagen
Bij het overlijden van een ouder, schoonouder of plusouder heb je recht op 3 dagen verlof. Deze dagen kun je kiezen tijdens de periode die begint met de dag van het overlijden en eindigt met de dag van de begrafenis of crematie.
2 dagen
Vierlies je een (schoon)broer of zus, oma, opa, overgrootmoeder of -vader, achterkleinkind, of een schoonzoon of -dochter die bij jou inwoont, dan heb je recht op 2 dagen verlof tussen het overlijden en de dag van de uitvaart.
Vrij op de dag van de uitvaart
Bij het verlies van een (schoon)broer of zus, oma, opa, overgrootmoeder of -vader, achterkleinkind, of een schoonzoon of -dochter die niet bij jou inwoont, heb je recht op verlof op de dag van de uitvaart.
Meer Informatie
Voor meer informatie over de specifieke regelingen en rechten kun je terecht op de website van de overheid.
Wat vind je van deze informatie?
Was deze informatie relevant?
Geef feedback



