Leidraad
Leidraad na de zelfdoding van een cliënt of patiënt
- Wees je bewust van de persoonlijke en professionele impact: Neem tijd en ruimte voor je eigen emoties en behoeften.
- Neem contact op met de familie: Luister naar hen, bied steun en geef zo veel mogelijk informatie, binnen de grenzen van het beroepsgeheim.
- Woon de uitvaart bij: Of voer een eigen afscheidsritueel uit, zoals het schrijven van een brief.
- Zorg voor ondersteuning: Denk aan supervisie, teamoverleg, en gesprekken met collega’s.
- Analyseer schuldgevoelens: Herken dat je handelde op basis van de informatie die je op dat moment had; je bent niet verantwoordelijk.
- Evalueer en reconstrueer: Bespreek de suïcide in teamverband en gebruik bijvoorbeeld de KEHR-vragenlijst in een veilige omgeving.
- Lees en leer: Volg trainingen over suïcidaliteit en zorg dat je voldoende kennis hebt om ermee om te gaan.
- Praat met anderen: Sommige hulpverleners vinden steun bij vrienden en familie, terwijl anderen beter functioneren door snel weer aan het werk te gaan. Doe wat voor jou het beste voelt.
- Tip: De Vlaamse collega’s van VLESP bieden een specieke e-learning aan. Bovendien kun je bij 113 terecht voor overleg en advies als je met vragen blijft rondlopen.
Ik weet niet goed wat ik moet zeggen, maar ik heb wel koffie
Leidraad bij het ondersteunen van nabestaanden
Stap 1: ondersteunen en luisteren
Nabestaanden hebben vaak behoefte aan steun, vooral in de eerste maanden. Psycho-educatie, lotgenotencontact en rouwbegeleiding zijn belangrijke eerste stappen.
Stap 2: diagnosticeren van PGD/PCRS
Na een jaar kan langdurige rouwproblematiek (PGD/PCRS) optreden. Dit kan worden gediagnosticeerd met vragenlijsten zoals de RVL, TGI-SR+ of de Rouw Cognitie Vragenlijst (RCV).
Stap 3: behandeling
Effectieve behandeling van PGD/PCRS kan de klachten aanzienlijk verminderen en omvat de volgende elementen:
- Inventarisatie van klachten en doelen.
- Exposure en psycho-educatie over het verlies.
- Cognitieve gedragstherapie (CGT) voor het identificeren en veranderen van negatieve gedachten.
- Begeleiding bij het hervatten van betekenisvolle activiteiten.
Houd rekening met:
- Schuldgevoelens en negatieve gedachten die een risico vormen voor PGD/PCRS.
- De gezinscontext en sociale steun, die van invloed zijn op de rouwverwerking.

Hulpverlener als nabestaande
Wanneer een hulpverlener een cliënt verliest door zelfdoding, kan dit diepgaande emotionele gevolgen hebben. Veelvoorkomende emoties zijn verdriet, schuld, angst en zelfverwijten. Zelfzorg is hierbij essentieel:
- Zoek steun: Praat met collega’s, vrienden, of familie.
- Zorg voor jezelf: Rust en fysieke gezondheid zijn net zo belangrijk als mentale gezondheid.
- Herstel op jouw manier: Iedereen rouwt op een eigen tempo en manier.
Uit kwalitatief onderzoek blijkt dat de volgende zaken helpend zijn:
- Supervisie en intervisie.
- Contact met de familie van de overledene.
- Lotgenotencontact en eventueel therapie.
Langetermijnperspectief
Rouw na zelfdoding is levenslang. Het rouwproces verloopt in golven en kan intens aanvoelen, afhankelijk van de omstandigheden. Volg je eigen tempo en durf hulp te vragen wanneer nodig.
Ondersteuning van de familie
Tijdens gesprekken met de familie is het belangrijk om te luisteren, te steunen en ruimte te geven voor emoties. Verwijs naar hulpverleningsmogelijkheden en geef praktische en juridische informatie.
Handvaten voor gesprekken:
- Bied steun en psycho-educatie aan.
- Houd rekening met mogelijke boosheid of schuldprojecties.
- Verwijs de familie door naar lotgenotencontact of hulpverlening.
Wat vind je van deze informatie?
Was deze informatie relevant?
Geef feedback



